Naast het geven van medicatie worden in de literatuur over de behandeling bij ADHD  geschreven over allerlei vormen van gedragstherapie. Drie vormen van gedragstherapeutische interventies worden vooral genoemd, te weten gedragstherapie, cognitieve therapie en sociale vaardigheidstraining.

Gedragstherapeutische technieken bij kinderen en pubers

Een belangrijke vorm van gedragstherapie bij kinderen met ADHD is de mediatietherapie met operante technieken bij ouders en/of leerkrachten. Deze methode richt zich op het bewerkstelligen van omgevingsfactoren, waarbij de voor het kind belangrijke volwassenen worden geleerd of getraind, om zich anders tot het kind te richten en op een meer adequate manier op het als moeilijk ervaren kind te reageren. De  aanpak is vooral op de oorspronkelijke onderzoeken en experimenten inzake de toegepaste gedragsmodificatie van Skinner gebaseerd. Hij werkte aanvankelijk in dierexperimenten met bekrachtigingschema’s, strafprocedures en vermijdingsleren. Hij onderzocht hoe de gevolgen op een bepaald gedrag (operant gedrag), datzelfde gedrag beïnvloedden. Het operante gedrag beïnvloedt de omgeving, die via effecten of consequenties op haar beurt reageert. Zijn onderzoek baande de weg voor de verdere ontwikkeling en toepassing van operante technieken in alledaagse problematische leefsituaties. Zo werden de operante leerprincipes ook in de gezinssituatie toegepast. De bij de opvoeding van het kind betrokken volwassene wordt bijgestaan ten einde de vastgelopen opvoedingssituatie vlot te trekken. Via  bekrachtigende interventies naar de mediatoren (ouders, verzorgers of leerkrachten) wordt gepoogd om bij het kind gedragsveranderingen te bereiken, doordat de mediatoren bij het kind de gewenste gedragingen gaan stimuleren, waarbij zij op hun beurt weer een positieve feedback krijgen via bereikte veranderingen in het gedrag van het kind. 

Cognitieve gedragstherapie is ook voor kinderen en pubers met ADHD ontwikkeld, om ze te leren meer vat te krijgen op het innerlijke,  cognitieve, functioneren, waarbij de bereikte gedragsverbeteringen een generaliserend effect naar situaties buiten de leersituatie. Het gaat om het aanleren van zelfregulerende vaardigheden. Het doen zonder te kijken, te luisteren en na te denken is, de meest simpele omschrijving van de cognitieve functies bij kinderen met ADHD. Hierbij gaat het om een gestoorde zelfregulatie door gebrek aan remming, om een gebrekkige aanpassing van het gedrag aan de eisen van de omgeving en om deficiënties in het probleemoplossend denken. Diverse studies waarin de waarde van cognitieve in de behandeling van ADHD werd bekeken, wijzen op gunstig effect op de cognitieve impulsiviteit. Ander aspecten bleven relatief ongewijzigd. Zelf-monitoring en zelfbekrachtiging blijken de meest belovende zelf-controleprocedures te zijn. 

Via sociale vaardigheidstraining worden kinderen en pubers met ADHD geleerd om leeftijdsadequate interpersoonlijke vaardigheden te ontwikkelen en te trainen. Het bewustzijn en de sensitiviteit worden verhoogd en het sociale gedrag naar anderen wordt positief beïnvloed via het aanleren van sociale vaardigheden. 

Gedragstherapeutische technieken en ondersteuning bij volwassenen

Hoewel er nog weinig literatuur is over specifieke gedragstherapie bij volwassene met ADHD, mag men er van uitgaan dat ook bij volwassenen cognitieve gedragstherapie ondersteunend werkt naast de ingestelde medicatie.

In de psychiatrische behandeling van volwassene wordt naast de medicatie doorgaans gebruik gemaakt van steunend structurerende gesprekken, waarbij aandacht wordt geschonken aan huiswerk in de zin van plannen van taken, gebruikmaken van werkschema's en to-do-lijsten. Het inrichten van de werkomgeving en de huisomgeving verdient veel aandacht.  Vaak moeten een aantal basale activiteiten op nieuw worden doorgenomen. Bij volwassen met ADHD wordt in het begin van de behandeling veel aandacht gegeven van het feit dat zij vaak jaren problemen hadden, die niet onderkend werden en waardoor zij door hun omgeving als lastig of hinderlijk werden gezien. Vaak moeten ook schuldgevoelens worden doorgewerkt. Daarnaast is het vaak noodzakelijk om co-morbiditeit, zoals stemmingsstoornissen, verslavingen en gedragsproblemen te behandelen. 

Oudergroepen

Ondersteunend kunnen oudergroepen zijn, waarin ouders van kinderen met ADHD elkaar onder leiding van deskundigen ontmoeten om ervaringen uit te wisselen en tips of richtlijnen te ontvangen. 

Steungroepen en therapiegroepen voor volwassenen 

Er zijn sinds een aantal jaren zowel steungroepen als therapiegroepen voor volwassene van start gegaan. De eerste worden georganiseerd door de patiëntenvereniging ADHsie, thans Impuls. Een eerste therapiegroep voor volwassenen is gestart bij GGZ Delfland. Men gaat er van uit dat het uitwisselen van ervaringen en manieren van omgaan met ADHD veel steun en herkenning kan geven. Er zijn nog geen uitgewerkte resultaten voorhanden. 

Diverse aanvullende behandelingsmethoden 

Vanuit eigen ervaring met de behandeling van ADHD zijn er enkele opmerkingen te maken over resultaten met aanvullende behandelingen. 

Kinderen met ADHD blijken vaak baat te hebben bij lichaamsgerichte behandeling door een fysiotherapeut, een haptonoom of een psychomotore therapeut. Het verhogen van de lichamelijke awareness lijkt een gunstig effect op het zelfgevoel en de motorische prestaties te hebben.  Ook volwassene met ADHD ervoeren baat bij o.a. haptonomie en bij ontspanningstechnieken vanuit o.a. Yoga. 

Kinderen met ADHD hebben vaker dyslectie, waarbij zij kunnen profiteren van begeleiding op dit gebied.